Steunpunt Jeugdhulp
nog niet geregistreerd? - wachtwoord vergeten?

Zoeken | sitemap

Nieuwsbrief | schrijf uit

Lees alles over het
nieuwe registratiesysteem
 

Registreer in BINC

Registreer in Binc-HCA

Velen denken dat de plaatsing in een gesloten of open instelling de eerste optie is voor de jeugdrechter. De gewijzigde Jeugd(beschermings)wet drukt nochtans andere voorkeuren uit.

De Jeugdrechtbank kan in de volgende volgorde van voorkeur:

  1. Een herstelrechtelijk aanbod doen
  2. Een geschreven project van de jongere in overweging nemen
  3. Ambulante maatregelen nemen
  4. Een plaatsing opleggen
  5. Deze maatregelen kunnen cumulatief worden opgelegd
  6. De zaak uit handen geven (zeer uitzonderlijk) 

Overzicht definitieve maatregelen - Herstelbemiddeling - HergoGeschreven project - Gemeenschapdienst - Leerproject - Ouderstage

Wettelijke definitieve maatregelen

We geven een overzicht van de definitieve maatregelen die de jeugdrechter kan nemen naast het herstelrechtelijk aanbod van hergo en herstelbemiddeling.

1. Autonome maatregelen

  • Berispen (jongere en ouders)
  • Onder toezicht plaatsen van sociale dienst
  • Intensieve educatieve begeleiding
  • Gemeenschapsdienst van max. 150 uur
  • Ambulante behandeling (therapie, verslavingsprobleem of seksueel grensoverschrijdend gedrag)
  • Toevertrouwen aan rechtspersoon met oog op positieve prestatie opleiding of georganiseerde activiteit
  • Toevertrouwen aan betrouwbaar persoon of geschikte inrichting
  • Plaatsen in openbare gemeenschapsinstelling voor jeugdbescherming
  • Plaatsen in ziekenhuisdienst
  • Plaatsing in dienst deskundig op gebied van alcohol- of drugverslaving
  • Plaatsing in open of gesloten jeugdpsychiatrische dienst
  • Gesloten afdeling enkel volgens procedure van wet op de persoon van de geesteszieke 26 juni 1990 (“collocatiewet”)


2. Plaatsing met uitstel onder voorwaarden in een gemeenschapsdienst

3. Behoud in leefmilieu onder voorwaarden

De Jeugdrechtbank kan behoud in leefomgeving voor +12-jarigen afhankelijk maken van voorwaarden

  • Geregeld schoolbezoek
  • Prestatie van opvoedkundige aard en van algemeen nut van max. 150 uur
  • Betaalde arbeid verrichten van max 150 uur met oog op vergoeding SO vanaf 16 jaar
  • In acht nemen van pedagogische of medische richtlijnen van een centrum voor opvoedkundige voorlichting of geestelijke gezondheidszorg
  • Deelnemen aan leerproject
  • Deelnemen aan sportieve, sociale of culturele activiteiten
  • Omgangs-, plaatsverbod
  • Naleven van huisarrest

Andere voorwaarden of verbodsmaatregelen die de jeugdrechter bepaalt

4. ouderstage

Lees meer hierover in de samenvatting

Herstelbemiddeling

Onder herstelbemiddeling verstaan we het communicatieproces dat, op initiatief van de betrokken partijen of de actoren in de strafrechtelijke bedeling, door een neutrale bemiddelaar op gang gebracht wordt. Dit met de bedoeling om bij de misdrijf betrokken partijen tot pacificatie en herstel te brengen.

Dit herstel schrijft men neer in een overeenkomst die alle partijen ondertekenen. De jongere wordt hierdoor gestimuleerd om zelf verantwoordelijkheid te nemen in het herstellen van de schade aan het slachtoffer. Ook de ouders worden nauw betrokken. Bemiddeling wordt gekenmerkt door drie werkingsprincipes: vrijwilligheid, vertrouwelijkheid en neutraliteit.

Herstelbemiddeling zien we bij voorkeur als een aanbod dat uitgevoerd wordt op initiatief en/of met de (expliciete) goedkeuring van justitie, zonder voorafgaande duidelijkheid over het effect hiervan op de gerechtelijke besluitvorming. Herstelbemiddeling is dus geen maatregel of alternatieve afhandeling van justitie. Het gerecht heeft in eerste instantie een voorwaardenscheppende rol. Het geeft een toelating aan de bemiddelaar om  de nodige ruimte te creëren zodat partijen zelf op zoek gaan naar een vorm van communicatie en herstel. Dit impliceert dat idealiter het aanbod van bemiddeling zo snel mogelijk na de feiten gebeurt en van zodra partijen er aan toe zijn, dus op parketniveau. Ook verder in de rechtspleging, zelfs na vonnis, is het nog mogelijk een slachtoffer-dader bemiddeling te organiseren.

In de praktijk wordt de bemiddelaar vaak geconfronteerd met ethische problemen. Hiertoe werd een deontologische code opgesteld en een deontologische commissie in het leven geroepen waar de bemiddelaar terecht kan voor advies.

Voor een breder kader zie herstelrecht 

Herstelgericht Groepsoverleg (HERGO)

Onder Hergo verstaan we een groepsoverleg onder begleiding van een neutrale moderator waaraan naast de minderjarige, zijn ouders en het slachtoffer ook vertrouwensfiguren van de minderjarige en het slachtoffer, een politiebeambte en de advocaat van de minderjarige deelnemen. Ook de consulent van de sociale dienst van de jeugdrechtbank is hier vaak aanwezig. In tegenstelling tot herstelbemiddeling situeert Hergo zich exclusief op rechtbankniveau. 
Alle partijen krijgen binnen een Hergo ruim de kans om hun verhaal te vertellen en hun visie toe te lichten. De minderjarige en zijn achterban trekken zich vervolgens terug voor een privé-overleg, waarna het voorstel voorgelegd wordt aan de ganse groep. Dit voorstel wordt in de groep besproken tot men een gezamenlijk gedragen voorstel vind. Dit voorstel wordt vervolgens voorgelegd aan de jeugdrechter.

Verschillen met herstelbemiddeling zijn:

  • De aanwezigheid van een politiebeambte.
    De politie is bij elke Hergo aanwezig om de ernst van de feiten te duiden en te wijzen op de eventuele maatschappelijke gevolgen van het delict. Hij kan eventueel ook bijdragen tot een veiligheidsgevoel tijdens de Hergo. Hergo is bijgevolg veel meer dan een methodiek om de communicatie te bevorderen tussen de personen die betrokken zijn bij een delict. Door de situering binnen een proces van gerechtelijke besluitvorming wordt het particuliere belang van de deelnemers overstegen. Hergo wordt immers geïnitieerd door de jeugdrechter en het blijft ook de jeugdrechter die de eindbeslissing neemt.
    Door deze situering wordt er ruimte gecreëerd voor subjectivering bij de rechtsvinding door de partijen. Dit zonder dat algemeen aanvaarde rechtsnormen genegeerd worden en met een maximale vrijwaring van de rechtswaarborgen voor alle betrokkenen. Daarnaast steunt hergo sterk op solidariteit. De diverse steunfiguren rond zowel slachtoffer als jeugdige dader en ouders kunnen dader en slachtoffer bijstaan in het zoeken naar vormen van herstel en kunnen de minderjarige tevens steunen bij de uitvoering van de overeenkomst.
  • Een grotere betrokkenheid van vertrouwenspersonen uit de leefwereld van dader en slachtoffer.
    De aanwezigheid van zoveel mogelijk personen, die bereid zijn zich te engageren bij het zoeken naar een oplossing voor de gevolgen van de feiten, zorgt voor een evenwicht in het beslissingsproces en voor een versterking van het netwerk rond de minderjarige en het slachtoffer. Tijdens de Hergobijeenkomst is er steeds een moment van privé-overleg van de minderjarige en zijn achterban. Tijdens dit overleg zoeken ze naar een gepast antwoord op de vragen van de benadeelde en maken ze afspraken tussen de gezinsleden onderling of met de verrtrouwensfiguren over de wijze waarop de minderjarige kan ondersteund worden 
  • De exclusiviteit voor ernstige feiten.
  • Naast de overeenkomst tussen de partijen over het herstel aan het slachtoffer wordt ook een intentieverklaring opgesteld waarin de minderjarige voorstellen kan doen om de schade te herstellen aan de samenleving of met betrekking tot andere problemen die de minderjarige wil oplossen. 
  • De advocaat van de minderjarige is steeds aanwezig. Hij bewaakt de rechten van de minderjarige, staat hem bij en steunt hem indien nodig. Ook het slachtoffer kan zich laten bijstaan door een raadsman.


Meer informatie

  • Vanfraechem, I., Hergo in Vlaanderen, Leuven: K.U.Leuven Onderzoeksgroep Jeugdcriminologie, 2003.

Geschreven project

Het geschreven project is een derde mogelijkheid om de minderjarige zoveel mogelijk te betrekken bij de reactie op  het delict. Ook indien een bemiddeling niet mogelijk blijkt, omdat de benadeelde bijvoorbeeld niet gekend is of niet wenst mee te werken aan een bemiddeling, kan de minderjarige nog altijd een voorstel doen aan de jeugdrechter. Dit kan een engagement zijn betreffende de school, het volgen van een leerproject, therapie...De jeugdrechter beoordeelt de opportuniteit en vraagt de sociale dienst om toezicht te houden op de uitvoering van dit project. Indien blijkt dat de jongere zijn voorstel onvoldoende of niet uitgevoerde, kan de jeugdrechter altijd andere maatregelen nemen. 

Gemeenschapsdienst

Bij een gemeenschapsdienst verricht de jongere een door de jeugdrechter bepaald aantal uren onbetaalde arbeid in een non-profitinstelling als reactie op het delict.

Voor meer informatie in jouw arrondissement ga naar het Vlaams overzicht HCA-diensten

Leerproject

Bij een leerproject gaat het doorgaans om een gestructureerd leerprogramma waarbij het delict of de persoonlijkheid van de minderjarige en zijn/haar vaardigheidstekorten als aanknopingspunt wordt genomen.

De diversiteit onder de leerprojecten is zeer groot. Er zijn qua aanbod tussen de verschillende arrondissementen grote verschillen.

Voor een overzicht in jouw arrondissement ga naar het Vlaams overzicht HCA-diensten

Ouderstage

Op 2 april 2007 treden de bepalingen over de ouderstage van de nieuwe Jeugdwet in werking.

Vanaf dan zullen ouders die zich duidelijk onverschillig opstellen voor het delinquent gedrag van hun zoon of dochter onder bepaalde voorwaarden een ouderstage kunnen of moeten volgen. De ouderstage kan voorgesteld worden door de procureur des Konings of opgelegd worden door de jeugdrechtbank.

De concrete modaliteiten worden geregeld in een samenwerkingsakkoord tussen de federale overheid en de gemeenschappen.

Concept ouderstage in Vlaanderen

Conform het samenwerkingsakkoord betreffende de ouderstage d.d. 13 december 2006 ontwikkelden de HCA-diensten, gesubsidieerd voor de uitvoering van ouderstage, een gezamenlijk concept van ouderstage in Vlaanderen. Deze tekst kwam tot stand doorheen een intense samenwerking tussen deze diensten.
Na een kort overzicht van het wettelijk kader vindt u de visie van waaruit de ouderstage wordt opgezet evenals de doelstellingen en de doelgroep. In het tweede deel wordt het uitgewerkt traject beschreven. Dit vormt het globale referentiekader. Elke dienst geeft hierbinnen een eigen concrete invulling van de gevolgde methodiek.
Download het concept ouderstage in Vlaanderen

Opzegging samenwerkingsakkoord ouderstage
 

Rapport Ouderstage OSBJ (Veerle Verlinden)
 

Nuttige informatie

  • Literatuuroverzicht: korte bespreking door Stefaan Viaene van een aantal recente artikels over de relatie tussen ouders en het probleemgedrag van de jongeren.
    Dit overzicht heeft als doel de reflectie te stimuleren en een aantal aandachtspunten en bedenkingen mee te geven aan de diensten die zullen instaan voor de ouderstage.
    Lees meer>>
  • Samenwerkingsakkoord tussen de federale overheid en de gemeenschappen (pdf-document)
  • Nieuwsbrief Jeugdrecht: overzicht van artikels die relevant zijn bij de organisatie van de ouderstage.
  • 2007/10 - De ouderstage (pdf-document)
    2005 nov/dec - De vertegenwoordiging van een minderjarige: ouders en voogden (pdf-document 132kB)
    2005-juli/aug - Inzage in het dossier bij het Comité Bijzondere Jeugdzorg (pdf-document 151kB)
    2003 juli/aug - Wie betaalt de schade? (pdf-document 135kB)

 


Druk deze pagina af
Verstuur deze pagina