Steunpunt Jeugdhulp
nog niet geregistreerd? - wachtwoord vergeten?

Zoeken | sitemap

Nieuwsbrief | schrijf uit

Lees alles over het
nieuwe registratiesysteem
 

Registreer in BINC

Registreer in Binc-HCA

Heel wat informatie vind je op www.pleegzorgvlaanderen.be

Specifiek voor pleegouders geven we volgende informatie.

Met de wijzigingen aan de Wet op de Jeugdbescherming, werd ook de oproeping van pleegouders voor de Jeugdrechtbank verplicht sinds 16 oktober 2006. In art. 46 werd immers het woordje 'opvangouders' ingevoegd. Op die manier werd tegemoet gekomen aan een veroordeling door het Arbitragehof. Het Hof vond het tegen het gelijkheidsbeginsel van de Grondwet dat opvangouders niet werden opgeroepen in procedures van jeugdbeschermingsrecht. Sommige pleegouders schrikken wanneer ze een dagvaarding krijgen, maar dat is niet nodig: het houdt in dat je aanwezig kan zijn op de zitting waar over het pleegkind wordt beslist.

In 2006 werden een aantal wetsvoorstellen gelanceerd die een beter statuut willen geven aan pleegouders. Europa wil immers dat haar lidstaten de rechtspositie van pleegouders verduidelijken. Staatssecretaris Wathelet wil daar verder werk van maken in 2010. Hij raadpleegde de gemeenschappen over een ontwerptekst. Wordt vervolgd.

In Vlaanderen betalen pleegkinderen die bij testament door hun pleegouders werden begunstigd, successierechten tegen hetzelfde tarief als eigen kinderen. Lees art 50 wetboek successierechten.


Pleegzorgverlof

In een programmawet (27 april 2007) werd het principe van pleegzorgverlof opgenomen in art 30 quater en volgende van de wet op de arbeidsovereenkomsten. De concrete modaliteiten moesten worden uitgewerkt in een koninklijk besluit. Dat gebeurde op 27 oktober 2008. Voor Vlaamse pleegouders-werknemers betekenen de nieuwe bepalingen het volgende.
Wie als pleegouder is aangesteld door de rechtbank, door een Vlaamse dienst voor pleegzorg of door het Comité Bijzondere Jeugdbijstand, mag sinds januari 2008 maximaal 6 dagen per kalenderjaar en per gezin afwezig zijn voor het vervullen van pleegzorgopdrachten of verplichtingen. Als beide pleegouders werknemer zijn, moeten zij onderling afspreken wie het pleegzorgverlof opneemt of hoe ze het onder elkaar verdelen. Het aantal pleegkinderen of –gasten speelt geen rol.
De werknemer die pleegzorgverlof vraagt en krijgt, heeft per dag recht op een forfaitaire uitkering. Het gaat over ongeveer 94 euro bruto per dag. (Het KB stelt dat het gaat om “82 % van het loonplafond zoals voorzien in artikelen 212, eerste lid en 223bis van het KB van 3 juli 1996 tot uitvoering van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994.”)

Drie soorten omstandigheden worden expliciet in het KB opgesomd. Men aanvaardt dat een pleegouder niet kan gaan werken wanneer hij:

  • aanwezig moet zijn op een zitting van een gerechtelijke of administratieve autoriteit die bevoegd is voor het pleeggezin; bijvoorbeeld een oproeping door de jeugdrechtbank, een ronde tafel of gesprek op het Comité;
  • de contacten met de ouders of andere belangrijke personen met het pleegkind begeleidt; bijvoorbeeld het bezoek van grootouders bij het pleegkind;
  • een afspraak heeft met de dienst voor pleegzorg.

In andere situaties moet de bevoegde plaatsingsdienst een attest afleveren dat verduidelijkt op welke wijze de afwezigheid van de pleegouder op het werk noodzakelijk is in het kader van de pleegsituatie. Het mag dan niet gaan om een afwezigheid in het kader van de zogenaamde regeling ‘verlof wegens dwingende redenen’, uitgewerkt in CAO nr 45. Normaal zijn dit onbetaalde dagen, tenzij er sectorieel een gunstigere regeling is. Een voltijdse werknemer heeft recht op 10 dagen afwezigheid om dwingende redenen. Voor deeltijdse werknemers worden die dagen verhoudingsgewijs verminderd.

Hoe vraag je het pleegzorgverlof aan?
1. bij je werkgever
2. bij de rva
Concrete info vind je hier.
In principe heb je daarvoor twee maanden de tijd.


 


Druk deze pagina af
Verstuur deze pagina