Steunpunt Jeugdhulp

Decreten Bijzondere Jeugdzorg

nog niet geregistreerd? - wachtwoord vergeten?

Zoeken | sitemap

Nieuwsbrief | schrijf uit

Lees alles over het
nieuwe registratiesysteem
 

Registreer in BINC

Registreer in Binc-HCA

Ten gevolge van de federalisering van België, werden de gemeenschappen bevoegd voor de jeugdhulpverlening. Dit aspect werd uit de wet op de jeugdbescherming van 8 april 1965 gelicht en vervangen door de decreten inzake bijzondere jeugdbijstand van 27 juni 1985 en 28 maart 1990, gecoördineerd op 4 april 1990; De jeugdbeschermingswet van 1965 betrof vanaf dan nog enkel minderjarigen die delicten plegen en de gerechtelijke reactie daarop. Deze wet werd in 2006 hervormd, daarover lees je meer in 'de nieuwe Jeugdwet'. Deze decreten werden intussen vervangen door het decreet bijzondere jeugdbijstand van 2008. Een commentaar op dit decreet kan je lezen in de Kidscodex van Larcier.

Vlaanderen gaf de voorkeur aan de notie 'jeugdbijstand' voor minderjarigen in een problematische opvoedingssituatie, in plaats van de term 'jeugdbescherming'. Deze omschrijving wordt enkel nog gebruikt met betrekking tot minderjarigen die een als misdrijf omschreven feit pleegden. De Jeugd(beschermings)wet regelt ook de procedure-aspecten voor de Jeugdrechtbank.

Het decreet regelt de organisatie van vrijwilllige (aanvaarde) en gedwongen jeugdhulpverlening bij problematische opvoedingssituaties.
De Vlaamse regering heeft, met betrekking tot de Bijzondere Jeugdzorg, geopteerd voor:

- De uitdrukkelijke scheiding van de vrijwillige en de gerechtelijke hulpverlening. De vroegere jeugdbeschermingcomités werden vervangen door 'Comités voor Bijzondere Jeugdzorg'. De Comités functioneren los van de gerechtelijke overheden en organiseren vrijwillig aanvaarde hulpverlening bij problematische opvoedingssituaties.
- Meer rechten voor jongeren: in overeenstemming met internationale verdragen streeft de decretale wetgever naar een benadering die de mondigheid, zelfstandigheid en verantwoordelijkheidszin van jongeren stimuleert.
- De subsidiariteitsbeginselen: een voorkeur voor vrijwillige hulpverlening boven gerechtelijke hulpverlening, bij gelijkblijvend effect geeft men de voorkeur aan de minst ingrijpende maatregel.
- De differentiatie van het hulpaanbod: een verscheiden hulpaanbod wil op elke individuele hulpvraag een gepast antwoord geven. Het decreet maakt het mogelijk om de toekomstige ontwikkelingen van het hulpaanbod te toetsen aan programmatienormen.
- De gezinsgerichte werking: hulpverlening aan minderjarigen in een problematische opvoedingssituatie is een zaak van kinderen én ouders en maakt een gezinsgerichte werking noodzakelijk.



Druk deze pagina af
Verstuur deze pagina