Steunpunt Jeugdhulp

E-zine Steunpunt Jeugdhulp april 2016

nog niet geregistreerd? - wachtwoord vergeten?

Zoeken | sitemap

Nieuwsbrief | schrijf uit

Lees alles over het
nieuwe registratiesysteem
 

Registreer in BINC

Registreer in Binc-HCA

In dit e-zine:

 

Jaarthema Culturele Diversiteit - Minderjarige vreemdelingen en jeugdhulp

Fedasil gaf op de studiedag van 15 april 2016 van het Vlaams Welzijnsverbond een kijk op de cijfers: hoeveel en welke jongeren komen naar Vlaanderen en waar worden ze opgevangen. De presentaties vind je terug op de website van het Welzijnsverbond via bovenstaande link.

Fedasil publiceert maandelijkse rapporten over de instroom en uitstroom van vreemdelingen op haar website. De belangrijkste vaststellingen.

Jongens zijn in de meerderheid (60 tot 65%) onder de minderjarige vluchtelingen, bij de niet begeleiden stijgt dit tot 85%. De jongeren komen vooral uit Afghanistan, Syrië en Irak.
Eind januari 2016 werden 2008 minderjarigen (ook begeleide) opgevangen. In 2015 was er een enorme piek in het aantal niet-begeleide minderjarige vluchtelingen die een asielaanvraag deden (3330 van de 3396), een veel grotere piek dan bij de vorige opvangcrisis in 2011. De toestroom lijkt nu wat te minderen, maar toch waren er op twee maanden in 2016 bijna evenveel aanvragen als in 2014 in zijn geheel.
De niet begeleide minderjarige vluchtelingen zijn steeds jonger. Vaak hebben ze niet voor België gekozen, maar is dat een toevallig resultaat van de smokkelroutes en keuzes van mensenhandelaars. Ze komen op zoek naar onderwijs & werk, heel vaak zijn ze door de familie vooruitgestuurd om alvast veilig te zijn.
Opvallend is dat diegenen die geen asielaanvraag doen en weinig kans op verblijfsrecht hebben, vaak zorgwekkend verdwijnen. Er is een licht verschil tussen het cijfer voor 2015 van Fedasil (53) en dat van Child Focus (66). Niet elk verdwenen kind is gekend….

Zo’n 30% van de niet begeleide minderjarige vluchtelingen is als ‘kwetsbaar’ te beschouwen omwille van complexe familiale situaties, moeilijk gedrag, een erg jonge mentaliteit of een vermoeden dat zij slachtoffer van mensenhandel zijn geweest. De jongeren hebben onrealistisch hoge verwachtingen van België, maar zijn ook veerkrachtig en hebben hun eigen coping-mechanismen (positief: bidden, sporten, lezen en negatief: geweld & zelfmutilatie, eetstoornissen). 

Een ding is zeker: de groep van minderjarige vreemdelingen neemt toe – en vormt ook voor de jeugdhulp een uitdaging.  

Binc

Sinds een maand kan je verschillende rapporten downloaden uit Binc. Ook al ontbreken er nog enkele rapporten (kenmerken gezinssituatie bijvoorbeeld), hopen we toch dat we jullie al voldoende materiaal hebben bezorgd voor jaar- en kwaliteitsverslagen, teambesprekingen, regionale besprekingen …

Natuurlijk zijn we benieuwd naar jullie eerste bevindingen. Je kan ons je ongezouten mening laten weten via deze link.

Ondertussen leggen we de laatste hand aan het eerste Binc 2.0 cijferrapport. Deze cijfers willen we graag met jullie bespreken op de befaamde Dialoog-, Reflectie- en Actiegroepen.
Op donderdag 26 mei komen we een eerste keer samen voor de werkvorm OVBJ en CaH. De koepels zullen hiervoor een aantal voorzieningen uitnodigen. Daarna komen de andere werkvormen aan de beurt:

Vrijdag 3 juni: diensten voor pleegzorg
Woensdag 8 juni: CIG
Donderdag 30 juni: OOOC

Voor de DRA's in juni kan je je deelname bevestigen door te mailen naar binc@steunpuntjeugdhulp.be met vermelding van de naam van de voorziening en de namen van de deelnemers. Meer info vind je hier.

Onderzoek ouders van een suïcidaal kind

Vanuit het kenniscentrum Hoger Instituut voor Gezinswetenschappen (ODISEE) wordt momenteel een onderzoek gedaan naar ervaringen, verwachtingen en behoeften van ouders van een suïcidaal kind.
In een eerste fase wordt er een interview gedaan bij de ouders om de behoeften verder in kaart te brengen. Deelnemende ouders hebben reeds aangegeven dat het gesprek als ondersteunend ervaren wordt.
In de tweede fase wordt vanuit deze behoeften een toolkit ontwikkeld om deze ouders te ondersteunen.

Meer info kan u vinden via deze link of contacteer de onderzoeker: Alexandre Reynders.

‘Spanning, ruzie of ambras? Reageer gepast’

Icoba stuurt deel 2 van de campagne “Agressie? Speel erop in!” de wereld in.
De “Speel erop in”-campagne behandelt vier aspecten van het levend maken en houden van een agressiebeleid. Dit voorjaar richt Icoba met ‘Spanning, ruzie of ambras? Reageer gepast.’ haar pijlen op het moment van het agressie-incident zelf.

Wanneer een situatie dreigt uit te monden in agressie, is het belangrijk te weten wat een gepaste manier van reageren is. Icoba maakt dit thema zichtbaar met twee posters, een sticker, een bladwijzer, een magazine, een leidraad voor een interventieprocedure en een brochure. De toolbox is aangevuld met praktische doe- en praatactiviteiten rond gepast reageren.
Net als bij de vorige campagne kan, wie wil, intekenen op een reeks van tweewekelijkse weetjes en tips. Neem een kijkje op www.agressiespeeleropin.be

Zo werken wij - Praktijkgestuurd effectonderzoek in OVBJ Beaufort

Elke organisatie zoekt permanent naar manieren om de aangeboden hulpverlening te verbeteren. In OVBJ Beaufort deden ze dat aan de hand van een praktijkgestuurd effectonderzoek.

In dit artikel delen ze hun ervaring in het vormgeven en implementeren van een effectmeting in de dagelijkse werking binnen de modules contextbegeleiding (in functie van autonoom wonen), dagbegeleiding in groep en verblijf. 

Hoe krijg je medewerkers mee in dit project? Hoe kan effectmeting er uit zien? … Verwacht nog niet alle antwoorden, wel een eerlijk verslag van het tot nu toe gelopen proces.


Druk deze pagina af
Verstuur deze pagina